Reisverslag autorondreis Roemenië

Na het lezen van verschillende reisverslagen, hopen wij met dit Roemenië reisverslag ook een leuke bijdrage te kunnen leveren voor de mensen die zelf ook plannen hebben om een autorondreis door Roemenië te maken of voor de mensen die gewoon geïnteresseerd in een minder bekende reisbestemming.

Een paar dagen voor vertrek, spookten de angstbeelden nog wel even door mijn hoofd. Veiligheid, het autorijden en bijna elke nacht van slaapplek wisselen. Moest dat nu weer zo nodig? Naar zo’n land als Roemenië gaan voor een intensieve rondreis? Jep, dat moest. Of dat moest niet, we wilden dat graag. Waarom? Omdat Roemenië veel historisch erfgoed heeft: kastelen, forten, weerkerken, middeleeuwse plaatsen, natuur en de spectaculaire Transfăgărășan road.

We hadden thuis de grote lijnen van onze rondreis uitgestippeld. We plakten stickertjes op de landkaart bij de plekken die we graag wilden bekijken. Op deze manier ontstond er vanzelf een rondreis. De plaatsen waar we de nacht doorbrachten, kozen we zo handig mogelijk. De reisdagen moesten niet te lang worden. De overnachtingen hebben we niet vooraf thuis vastgelegd. Dit deden we telkens een dag van te voren: dus vandaag boekten we de overnachting van morgennacht. Dit deden we via www.booking.com.

19 september Dag 1: Aankomst in Cluj Napoca
20 september Dag 2: Cluj Napoca -> Deva (Soimus)
21 september Dag 3: Deva (Soimus) -> Corvin Castle -> Sibiu
22 september Dag 4: Sibiu -> Curtea de Argeș (via de Transfăgărășan road)
23 september Dag 5: Curtea de Argeș -> Brasov
24 september Dag 6: Brasov
25 september Dag 7: Brasov -> Sighișoara (via Kasteel Peleș)
26 september Dag 8: Dagtrip naar Viscri en Biertan
27 september Dag 9: Sighișoara
28 september Dag 10: De Bicaz Kloof
29 september Dag 11: De beschilderde kloosters van Bucovina
30 september
1 oktober
2 oktober
3 oktober Dag 15: Terug naar huis

Zoals gezegd: dit is een reisverslag van onze autorondreis door Roemenië. Hier kun je meer lezen over het autorijden in Roemenië. Het autorijden in Roemenië viel ons niet tegen. Een jaar eerder maakten we al een roadtrip door Bosnië Herzegovina, Servië en Montenegro, dus helemaal onbekend in dit deel van Europa waren we niet.

Dag 1: Aankomst in Cluj Napoca

Het paars/witte vliegtuig van Wizzair bracht ons in 2 uurtjes van Eindhoven naar Cluj Napoca, een stad in het noordwestelijke deel van Roemenië. Het vliegveld van Cluj is klein en overzichtelijk. Het was er ook lekker rustig. Bij de autoverhuurbalie van Enterprise waren we de enige die een auto kwamen ophalen. Net zoals de vorige keren hadden we de auto vooraf via www.eautohuur.nl geboekt.
De formaliteiten werden vlot afgehandeld. We kregen een bijna nieuwe donkerblauwe Opel Corsa mee. In dit autootje zullen we de komende twee weken heel wat uren doorbrengen.

We sliepen de eerste nacht in Hotel Zabor, op nog geen 3 kilometer afstand van het vliegveld. Een heel net hotel met grote kamers. Gezien de ligging is het een ideaal hotel als je vroeg vertrekt of laat aankomt in Cluj.
Aangezien het laat in de middag was toen we aankwamen, was het niet meer de moeite om een eind te gaan rijden. Dat zouden we de volgende dag wel doen.

Dag 2: Cluj Napoca -> Deva (Soimus)

Vandaag was het de eerste reisdag. De bestemming was Deva. Of beter gezegd, Soimus. Een klein dorpje vlakbij de stad Deva. Waarom deze bestemming? Omdat we het vlakbij gelegen Corvin Castle wilden bezoeken.
We hadden een route uitgestippeld met als vertrekplaats Cluj, langs Turda, Campeni, Brad en Deva. Het eerste deel naar Turda schoot lekker op. We zijn nu niet naar de zoutmijnen geweest, dat kwam aan het eind van onze reis. Toen we vlak voorbij Turda afbogen naar het westen in de richting van Campeni, kwamen we op een smallere weg die voor een groot gedeelte op een lapjesdeken leek. De weg slingert door een heuvelachtige omgeving . Onderweg kwamen we langs veel kleine dorpjes en plaatsjes. We hebben de hoofdweg een aantal keer verlaten om door een dorpje langs de kleine boerderijtjes te rijden en het leven op het Roemeense platteland te aanschouwen.

Roemenie Cluj - Deva (dag 2)

De rit was in totaal iets meer dan 200 kilometer. De gemiddelde snelheid lag niet veel boven de 50 kilometer per uur. We kwamen achterin de middag aan in Deva. Deva is een wat grauwe stad. De binnenstad telt maar 2 leuke (kleine) straatjes. Op een heuvel in Deva is een burcht gevestigd. Vanuit de stad is dit goed te zien. Je kunt met een kabelbaan op rails naar boven. Dit hebben we niet gedaan.

Roemenie Burcht Deva
We overnachtten in Pension Eva in het plaatsje Soimus, op minder dan 10 kilometer afstand van Deva. Als het mooi weer is, is dit pension zeker aan te bevelen. Het heeft een mooie tuin met een buitenzwembad. Hier hebben we vanwege het grauwe weer geen gebruik van gemaakt.

Dag 3: Deva (Soimus) -> Corvin Castle -> Sibiu

Als een van de weinige keren deze reis, hadden we vanochtend het ontbijt inbegrepen. Dat had niet gehoeven, want we waren de enige gasten en de ontbijttafel leek al een paar dagen zo te staan. Naja, we zouden wel weer een Lidl tegenkomen onderweg (elke Lidl heeft in Roemenie een groot assortiment lekkere broodjes).
Vlakbij Pension Eva in Soimus, staat een mooie kerk met daarnaast een klein oud houten kerkje (op de borden staat dit aangegeven met ‘Biserica de Iemn Sf. Nicolae). We stonden van een afstandje te kijken (en een foto te maken), toen we een vrouw op ons af zagen lopen. ‘Mochten we hier niet staan? Of geen foto maken?’ dachten we nog. De vrouw vroeg of we de kerk van dichtbij wilden bekijken. Uiteraard, en we liepen met haar mee. Ze vertelde wat over de kerk en vroeg of we het ook van binnen wilden bekijken. Jazeker wel! Graag zelfs. Ze opende voor ons de kerk. Wat was het mooi beschilderd van binnen! Er was geen stukje muur onbedekt gelaten.

De vrouw waar we mee stonden te praten (ze sprak gelukkig Engels), was getrouwd met de priester en samen woonden ze naast de kerk. Ze vroeg of we ook de oude houten kerk van binnen wilden zien. Heel graag zelfs! Ze haalde een sleutel en opende de deur. Het was een heel klein kerkje. Dit was ook de reden dat er een nieuwe kerk is gebouwd: de oude was te klein. Binnen hingen oude iconen en er stond oud zilverwerk. Erg vriendelijk en gastvrij van mevrouw om ons dit te laten zien! We bedankten haar dan ook vriendelijk.

Roemenie Kerk Soimus (1) Roemenie Kerk Soimus (2)

Onze eerste (het kerkbezoek was een bonus) geplande stop van vandaag was het Hunedoara Kasteel (Corvin Castle). Corvin Castle is 1 van de grootste kastelen in Europa. Het oudste deel stamt uit de 14e eeuw. Dit is hoe ik me als klein jongetje vroeger een kasteel voorstelde: een indrukwekkende ophaalbrug, een grote binnenplaats, kerkers, een waterput en echte kasteeltorens. Het is nog niet zo druk bezocht, en dat komt de sfeer in het kasteel ten goede. Je kunt hier nog ongestoord door de gangen dwalen en je inbeelden hoe het er vroeger was. Fantastisch. Via een app op je telefoon (die kun je daar ter plekke downloaden), kun je een audiotour volgen (is erg leuk).

Roemenie Kasteel Hunedoara
Na het bezoek aan het kasteel, reden we door naar Sibiu. We wilden niet via de nieuwe snelweg rijden, maar via de naastgelegen tweebaansweg weg omdat we onderweg nog door een klein dorpje (Sibiel) wilden rijden. Vanwege het regenachtige weer hebben we dit toch maar niet gedaan. We hadden daarom achteraf gezien net zo goed de snelweg kunnen pakken, want deze loopt parallel aan de tweebaansweg.

De reisdag was vandaag niet lang (160 kilometer). Halverwege de middag kwamen we aan in Sibiu. En dat was mooi, want we hadden dus nog tijd genoeg om het centrum te bekijken. In 2007 was Sibiu Europees cultuurhoofdstad van het jaar. De binnenstad is toen grondig aangepakt. Er zijn aantal mooie kerken te zien en het is leuk om door de oude straatjes te lopen. ’s Avonds aten we op het terras van een restaurantje aan het plein onder een parasol die bescherming bood tegen de regen. We sliepen in het Pension Casa Sibianului, het minst mooie onderkomen van onze reis.

Roemenie Sibiu

Dag 4: de Transfăgărășan road

Vandaag staat er 1 van de mooiste wegen van Europa op de planning: de Transfăgărășan road (weg 7c). Deze weg loopt dwars door het Făgărășgebergte, het hoogste gebergte van Roemenië. De weg is tussen 1970 en 1974 gebouwd door het leger in opdracht van Nicolae Ceaușescu. Je bereikt een hoogte van boven de 2000 meter en dankzij de vele haarspeldbochten, ligt je gemiddelde snelheid niet boven de 40 kilometer per uur. Op de top (2042 meter), kom je bij een tunnel die de provincies Walachije en Transsylvanië met elkaar verbindt. De weg is een groot deel van het jaar gesloten vanwege sneeuwval (oktober tot juni).
We reden vanuit Sibiu naar Cârtișoara. Ongeveer het beginpunt van de Transfăgărășan road. De eindbestemming van vandaag was Curtea de Argeș. Daar zouden we in het Pensiunea Ioana overnachten (een aanrader, uitstekend guesthouse en een hele vriendelijke eigenaresse).
Het eerste stuk van de rit naar Cârtișoara was niet zo interessant. Daarna begon het pas. Een paar kilometer na deze plaats, begint namelijk de klim. Bochten, bochten en nog meer bochten. Haha! Dit is pas autorijden. Je klimt steeds hoger. Onderweg kom je veel kleine parkeerplaatsjes tegen waar je een fotostop kunt maken. Op het hoogste punt (voordat je de tunnel inrijdt), kun je de auto parkeren op een grote parkeerplaats (kost een paar Lei). Het uitzicht is schitterend. Je ziet de weg met al de haarspeldbochten onder je liggen. Ver daar achter kun je, met helder weer, het dal zien liggen.

Roemenie Transfăgărășan Road

Op de top rij je een ruim 800 meter lange tunnel in. Daarna begint de afdaling. De weg vond ik na een aantal kilometer afdalen wat minder spectaculair worden, maar dat is ook niet zo gek. Het beste is dan al geweest.

Voordat je in Curtea de Argeș bent, rij je eerst nog over de Vidrarudam. Deze dam is 165 meter hoog en 305 meter lang. Het houdt 465 miljoen kubieke meters water tegen. Ook hier is mogelijkheid om auto even aan de kant te zetten. Het is een indrukwekkend beeld, de enorme watermassa aan de ene kant en het diepe dal aan de andere kant. Je mag er niet aan denken wat er zou gebeuren als de dam het begeeft…

Na het stuwmeer, kom je nog langs het Poenari Castle. Dit kasteel hoog op een rots was het hoofdkwartier van Vlad Tepes (de heerser waar het verhaal van Dracula op is gebaseerd). Je kunt de overblijfselen van dit kasteel bezoeken, maar dan moet je wel de 1480 traptreden beklimmen. Hier hadden we na deze lange dag geen zin in.

Roemenie VidrarudamRoemenie Poenari Castle

 

 

Dag 5: Curtea de Argeș -> Brasov

Je weet nooit wat je in Roemenië onderweg tegenkomt. Dat bleek vandaag wel. Een route plannen in Roemenië kan lastig zijn. De ene dag rijd je over prima wegen in een mum van tijd van de ene plaats naar de andere, en de andere dag rijd je over wegen waarvan je denkt: dit schiet voor geen meter op. Dat laatste was vandaag het geval. De planning van vandaag was daarom niet haalbaar. We wilden het klooster van Curtea de Argeș bezoeken (vlakbij de plek waar we sliepen) en daarna via Câmpulung naar het kasteel van Bran rijden. Daarna wilden we via Rasnov (vanwege het Rasnov Fortress) naar Brasov rijden. Dit was iets te ambitieus.
We vertrokken pas tegen 10 uur. Dat was al niet handig. Daar kwam nog bij dat we het eerste deel van de route maximaal 40 kilometer per uur konden rijden. Er zaten flinke hobbels en kuilen in de weg. Het scheelde dat de omgeving zo mooi was: heuvelachtig, graslanden en veel herders met koeien en schapen. Onderweg kwamen we een heel aantal kleine beschilderde kerkjes tegen langs de kant van de weg. Het viel ons op dat de bijrijders in de auto’s de passeerden, een kruisje slaan als ze langs het kerkje komen. Dit hebben we al vaker gezien: mensen die een kruisje slaan (tijdens het lopen of ze gaan stilstaan) als ze langs een kerk lopen.

Roemenie weg tussen Curtea de Argeș en Câmpulung

De weg van Câmpulung naar Bran is goed, maar er moet flink geklommen worden. Je gaat bergpas over en dat hadden we op de wegenkaart niet gezien. Het is een hele mooie route. Bovenop heb je een schitterend uitzicht.

Roemenie uitzicht tussen Campalung en Bran

We kwamen pas om 14.30 uur aan bij het kasteel van Bran. Het was er druk. Ook niet zo gek, want dit is DE belangrijkste toeristische trekpleister van Roemenie. In de volksmond wordt dit het kasteel van Dracula genoemd. Historisch gezien niet helemaal juist, maar er wordt handig gebruik van gemaakt.
We konden de auto op steenworp afstand van het kasteel (betaald) parkeren. Via talloze souvenirkraampjes liepen we naar de ingang. De aanblik van het kasteel is op korte afstand heel anders dan dat het op foto’s is afgebeeld. Vanaf de doorgaande weg ziet het er een stuk mooier uit, zo hoog bovenop een rots.

Roemenie Bran Castle

We wurmden ons door de groepen mensen heen die een rondleiding volgden. Binnen is een verzameling van ceramiek, meubels, wapens en harnassen te vinden. Het is grondig gerestaureerd. Iets teveel naar onze smaak, waardoor het niet meer het karakter heeft van een echt kasteel. Corvin Castle, het kasteel waar van eerder deze week waren, vonden we mooier.

Inmiddels was het al te laat om nog naar het fort in Rasnov te gaan. Dit moest morgen of overmorgen dan maar. We waren toch al van plan om meer dan 1 nacht in Brasov te blijven. We reden via weg 1E van Rasnov naar Brasov. Dit is niet de kortste en snelste weg, maar wel veruit het mooiste om te rijden. Je komt door het skigebied en dat betekent dus klimmen! Onderweg moesten we nog even een kudde koeien passeren die rustig over de weg liepen te kuieren.

Vlak na de top heb je een fantastisch uitzicht over Brasov. Een ritje met de kabelbaan naar de tegenoverliggende berg is dus helemaal niet nodig voor het uitzicht over de stad! Na de afdaling sta je gelijk midden in de drukte van Brasov.

Roemenie Uitzicht Op Brasov (vanaf weg 1E)

Het rijden rondom het oude centrum van Brasov is door de (steile) eenrichtingswegen nog best lastig. Helemaal als je guesthouse (Castel Iezer) aan een heel klein straatje is gelegen. Het guesthouse was best oké en is op loopafstand van het oude centrum gelegen. Het grote voordeel: gratis parkeren op het terrein!

 

Dag 6: Brasov

Vandaag wilden we de auto niet gebruiken. We zouden dan weer terug de stad in moeten rijden, en dat is best lastig navigeren en we zouden ons best een dag in Brasov kunnen vermaken. Dachten we.

Roemenie - Brasov
Halverwege de ochtend liepen we naar het centrum. Daar waren we vrij snel uitgekeken. Het is een best een leuke stad met een mooi plein, maar niet iets om een hele dag te lopen. We pakten daarom tegen een uur of 2 toch maar weer de auto. We wilden morgen het fort van Rasnov bezoeken, maar dat konden we net zo goed vandaag doen.
De heenweg reden we via weg 73, dit is de snelste (maar wel drukste) verbinding tussen Brasov en Rasnov. De terugweg kozen we daarom weer voor de bergweg, dat rijdt toch een stuk leuker en je komt aan de goede kant (van het oude centrum) Brasov binnen.
Het leek erop dat je het fort met een zelfde soort kabelbaan over rails kunt bereiken als het fort in Deva. Vanaf een afstand kun je dit tegen de heuvel aan zien liggen. De parkeerplaats ligt heuvelopwaarts aan de zijkant van de heuvel. De kabelbaan is vanaf hier niet te zien. Josanne zag een ritje in de kabelbaan niet zo zitten en bleef beneden. Jeffrey dacht naar de kabelbaan te lopen, maar na een korte, steile klim (20 minuten) lag na een scherpe bocht het fort opeens voor hem. De heuvel was al beklommen! De kabelbaan ligt aan de andere kant van de heuvel en was nog niet in werking. Er reed ook een tracktor met wagonnetjes erachter omhoog. Dus je hoeft niet te lopen.
Het fort van Rasnov is schitterend gelegen op een heuvel. Het is ooit gebouwd ter verdediging van de Transsylvanische dorpen. De bewoners uit Rasnov verbleven hier soms maandenlang ten tijde van de Turkse belegeringen. Het fort was vervallen tot een ruïne, maar wordt nu gerenoveerd en hersteld in de oude staat. De renovaties zijn in het eerste deel nog niet begonnen. Hier loop je nog tussen de ruïnes, maar ook dat heeft wel zijn charme.

Roemenie - Rasnov Fortress Roemenie - in Rasnov Fortress

Dag 7: Brasov -> Sighișoara (via Kasteel Peleș)

We wilden vanuit Brasov het Peleş Castle bezoeken. Dit kasteel ligt ten zuiden van Brasov (in Sinaia), en onze eindbestemming van vandaag was Sighișoara. Dat ligt ten noordwesten van Brasov. We moesten dus een omweg maken en een stuk twee keer dezelfde weg rijden. 90 Kilometer in totaal. Het is niet anders, logischer was het niet te combineren.
Peleş Castle was voor ons lastig te vinden. We zagen hier en daar wel grote groepen bussen geparkeerd staan, maar we begrepen niet waar we ons autootje neer konden zetten. Dit hadden we niet verwacht, omdat alles wat we tot nu toe wilden zien, uitstekend stond aangegeven. En dan zou dit kasteel (samen met het kasteel van Bran de bekendste van Roemenië) toch ook wel goed staan aangegeven? Niet dus. Hoe we het uiteindelijk hebben gevonden, kan ik niet precies zeggen. Het was meer een combinatie van blijven zoeken en goed geluk.
Het Peleş kasteel diende vroeger als zomerresidentie voor het Roemeense koninklijk huis. Vanaf de buitenkant lijkt het kasteel rechtstreeks uit een sprookje te komen. Hoe het van binnen uitziet, weten we niet precies. Er stonden lange rijen bij de entree. We hadden geen zien om voetje voor voetje door het kasteel te moeten lopen. In een kasteel moet je je fantasie laten gaan, en dat is niks waard als je omringd wordt door drommen mensen.

Roemenie Peles Castle
We reden dezelfde weg als vanmorgen terug naar Brasov. Iets net noorden van deze stad, maakten we een tussenstop bij Prejmer, een gefortificeerde kerk. Binnen de muren staat een eenvoudige kerk. Het bijzondere aan Prejmer is de woonruimte. Aan de binnenkant van de verdedigingsmuur, zijn achter de zwart houten balustrades ruim 270 kamers gebouwd. Erg de moeite waard om dit te bekijken.

Roemenie - Prejmer (buitenkant)Roemenie - Prejmer

De weg van Brasov naar Sighișoara is van uitstekende kwaliteit. 80 kilometer per uur (gemiddeld) kun je hier wel halen. Ik vond het alleen een hele vervelende weg om te rijden. Hoewel ik voor mijn gevoel op de max reed, werd ik veelvuldig ingehaald en ook op momenten dat ik dacht: dat kan niet! Of dat er een tegenligger op mijn weghelft aangescheurd kwam dat ik dacht: ga nou aan de kant! Het toppunt was het stuk weg bergop. De weg omhoog was dubbelbaans, maar met 3 auto’s naast elkaar probeerde iedereen vol gas zo snel mogelijk boven te zijn. Het leek wel een caviarace.
De weg gaat dwars door kleine dorpjes. De huizen liggen vaak lager dan de weg. Een aantal jaren terug zal dit nog een rustige, onverharde weg zijn geweest waar men met paard en wagen overheen reed. Hoe anders is dit nu: het paard en wagen zie je nog wel, maar de auto’s remmen nauwelijks af en scheuren vlak langs de huisjes.

Onderweg kwamen we langs Rupea Fortress. Dit verdedigingswerk ligt op een heuvel. We zijn er naar toe gereden, maar zijn niet naar binnen geweest. Het leek op het fort in Rasnov, met het verschil dat je bij het Rupea Fortress voor de ingang kunt parkeren op een schitterende parkeerplaats. Er ligt een uitstekend stukje asfalt en langs de kant prijken lantaarnpalen. Iets dat je zelden ziet in Roemenië. Eenmaal boven bij het fort werd wel duidelijk waarom dit er hier zo bij lag: er stond een groot bord met daarop de mededeling dat dit met het geld vanuit de EU is gerealiseerd. Dat verklaart de lantaarnpalen.

Het eind van de middag/begin van de avond hebben we in het stadje Sighișoara doorgebracht. Sighișoara is een leuk en levendig (toeristisch) plaatsje. De citadel op de heuvel is zeker de moeite waard om te bezoeken. Er zijn veel leuke restaurantjes waar je goed kunt eten. We sliepen in Pension Casa Soare Een absolute aanrader, een heel mooi guesthouse aan de rand van het centrum met gratis privéparkeerplaatsen.

 

Dag 8: Dagtrip naar Viscri en Biertan

Vanmorgen besloten we om nog een extra nachtjein Sighișoara te blijven. De weersverwachting voor morgen was bijzonder slecht en we zaten ruim in de tijd. Een dagje rust is ook wel lekker en Sighișoara is leuk stadje om wat langer te blijven. Dat betekende wel dat we moesten verkassen naar een ander onderkomen, want deze was volgeboekt. We kozen voor Vila Mara, een straatje verderop. Dit guesthouse is zo mogelijk nog mooier dan het vorige: nieuwe en grote kamers en ook op korte loopafstand van het centrum van Sighișoara.
Vandaag maakten we een dagtrip naar Viscri en Biertan. Beide vanwege de gefortificeerde kerk die er te vinden is. Viscri is een echt dorp. De weg ernaar toe is weliswaar verhard, maar daar is ook alles mee gezegd. Eenmaal in het dorp, houdt de verharding op. De auto’s zijn door voetgangers en paard met wagens vervangen. In het dorpje kun je de auto parkeren. We volgden een klimmend pad omhoog, richting de ingang van de kerk. Een oude vrouw wilde net de deur afsluiten. Gelukkig gunde ze ons nog een paar minuten binnen, zodat we het fort van binnen konden bekijken. Dit was de moeite waard, net als de weg naar het dorp toe. Je rijdt dan echt door de binnenlanden van Roemenië,daar waar je voor je gevoel een stap terug in de tijd zet.

Roemenie - Viscri
Na Viscri, reden we door naar Biertan. Ook in deze plaats bevindt zich een schitterend bewaarde dorpskern. De oude vestingkerk stamt uit de 16e eeuw. Het geheel lijkt meer op een kasteel. Ook dit bezoek vonden we zeer de moeite waard.

Roemenie - Biertan

Dag 9: Sighișoara

De weersvoorspelling kwam aardig uit. Regen, regen, regen en nog meer regen. Een lekkere relaxdag (geen straf in dit mooie guesthouse) en de route voor de komende dagen door Bucovina en Maramures uitstippelen.

 

Dag 10: Bicaz Kloof

Sighișoara was onze laatste stop in de regio Transsylvanie. Eerder deze week waren we aan het twijfelen: of naar Boekarest, of naar het noorden van Roemenië. Het werd het laatste, autorijden in Boekarest zagen we niet zo zitten en deze stad kunnen we nog wel een keer als bestemming voor een stedentrip kiezen.
Het noorden van Roemenië, daar brachten we het laatste deel van de rondreis door. We begonnen in de regio Bucovina. Bucovina staat bekend om de beschilderde kloosters. Vanuit Sighișoara is het een behoorlijk eind rijden. Het leek ons iets te ver voor 1 dag. We wilden namelijk via de Bicaz Kloof rijden, en dat is niet bepaald de snelste route. We kozen er daarom voor om te overnachten in Petru Vodă.
De Bicaz kloof is indrukwekkend. Dit doet je eens temeer weer beseffen dat moeder natuur een stuk groter is dan twee Nederlanders in een Opel Corsaatje. Je volgt de weg over de bodem van de Canyon, omgeven door enorme rotsen. De kloof is 5 kilometer lang en verbindt Transsylvanië met de regio Moldavië.

Roemenie - Bicaz Kloof

We vervolgden de weg langs een stuwdam en het stuwmeer (weg 15). Onderweg heb je hier mooie uitzichten.

Roemenie - Weg 15
We kwamen laat in de middag in Petru Vodă aan. Achteraf gezien hadden we nog langer kunnen rijden, maar had vooral met het weer te maken dat we er op tijd waren. Dankzij de regen was het niet te doen om bij de kloof of Lacu Rosa (het meer) een mooie tussenstop te maken.
In Petru Vodă sliepen we in Pensiunea Paradiso, een klein pension op het platteland. Er was verder niets te doen of te zien. ’s Avonds werd er lekker voor ons gekookt. Voor het ontbijt bedankten we de volgende dag. We kwamen vast wel weer een Lidl tegen.

Dag 11: De beschilderde kloosters van Bucovina

In Bucovina staat 8 beschilderde kloosters die op de UNESCO Werelderfgoed zijn geplaatst. We hadden uit de lijst met beschilderde kloosters er 3 uitgezocht: Voronet, Humor en Sucevita. Drie leek ons wel genoeg en deze drie waren mooi te combineren in een logische reisroute.
Vanuit Petru Vodă was het 2 uur rijden naar Voronet. Als je foto’s wilt maken, dan kost dat 10 Lei (dat is meer dan de entreetickets, haha). In het klooster zelf mag je geen foto’s maken. Het bijzondere aan deze kloosters is dat ze aan de buitenkant zijn beschilderd. Ook van binnen is het schitterend beschilderd. Geen plekje op de muur is onbeschilderd gelaten.

Roemenie - Klooster Voronet
Daarna reden we door naar Humorului, voor het klooster van Humor. Dit was maar een kwartiertje rijden. Dit klooster vonden we iets minder mooi. De beschilderingen waren wat minder goed bewaard gebleven en het klooster had geen torentje. Deze stond er los van.
We wilden via Poitna Micilui naar Sucevita rijden. Een wit weggetje op onze wegenkaart. We reden over het Roemeense platteland en voorbij het plaatsje Poitna, werd de weg onverhard. De bewoonde wereld waren we inmiddels ook gepasseerd, en dus leek het ons niet verstandig om verder te rijden. We moesten het hele stuk weer terugrijden. Vlakbij het klooster stond wel aangegeven dat de weg die we wilden rijden, geen doorgaande weg was. Jammer, driekwartier voor niets gereden.
Poging twee, nu reden we via Păltinoasa en Marginea naar het klooster van Sucevita. Dit is het grootste beschilderde klooster. Het klooster lijkt veel op die van Voronet, waar we eerder deze dag waren. Het verschil is de omvang, Voronet is kleiner. Het klooster van Sucevita is eind 16e eeuw opgericht. Het is omringd door een dikke muur, waardoor het geheel op een vesting lijkt. De buiten beschilderingen van de kerk gelden als de best bewaarde van alle kerken.

Roemenie - Klooster Sucevita
In de omgeving van Sucevita kun je ook kennis maken met de bijzondere lokale kunst van Bucovina: het beschilderen van paaseieren. In het paaseimuseum van Lucia Condrea in Moldovita (staat met borden goed aangegeven), kun je haar collectie bekijken. Officieel zijn er geen entreeprijzen, maar het wordt niet op prijs gesteld als je zonder een donatie vertrekt.
We hadden een overnachting geregeld in Câmpulung, in Pensiunea Oltea. Het was even goed kijken hoe we moesten rijden, want we moesten een kleine afslag van de grote weg hebben. We werden vriendelijk ontvangen door de eigenaresse en kregen een kamer in een groot huis met een gezamenlijke keuken en woonkamer. We waren de enige gasten.

 

 

 

 

 

 

Dag 15: terug naar huis

Het zit er alweer op! ’s Middags vlogen we terug naar huis. We waren mooi op tijd op het vliegveld en konden dus rustig de auto inleveren. We maakten nog een praatje met de jongen van de verhuurbalie en hij liep mee naar de auto. Hij vond het mooi dat we de auto hadden gewassen, dit had niet gehoeven, zoals hij bij het ophalen al had aangegeven. Maar zoals de auto er gisteren voor het wassen uitzag, dat kon echt niet. De auto zat helemaal onder de opgedroogde modder. Zo durfden we de auto niet in te leveren. Toen hij de kilometerstand opschreef, zei hij met verwondering dat we de auto goed hadden gebruikt. In totaal hebben we in Roemenië 2431 kilometer afgelegd. Onze rondreis ziet er op de kaart als volgt uit:
<iframe src=”https://www.google.com/maps/d/u/1/embed?mid=zuxeUaS-UL0Q.k3BckwZZvC18″ width=”640″ height=”480″></iframe>

Reacties zijn afgesloten.